vrijdag 2 november 2012
STEPHEN SPENDER (1909 - 1995)
DE VAL VAN EEN STAD
Alle affiches op de gevels
Alle folders op straat
Zijn verminkt, aan repen gescheurd of verregend
Hun woorden bevlekt met tranen,
Het vel van hun lijven gestroopt
In de zegevierende orkaan.
Alle namen van helden in de zaal waar de voeten
donderden en de bronzen kelen brulden,
Fox en Lorca als geschiedenis op de muren geschilderd werden,
Zijn nu woedend verwijderd
Of hun stof aan stof overgeleverd,
Van gouden lofbetuigingen afgesloten.
Alle onderscheidingen en militaire groeten
Van revers en uit handen getrokken
Zijn weggeworpen met de menselijke zakken die ze droegen
Of, in de diepste bedding van de geest,
Overgekalkt met een glimlach
Die de overwinnaars plotseling tonen wanneer ze winnen.
Alle geleerde en ongeleerde lessen;
De jongeren, die leerden lezen, blind nu
Hun ogen gevuld door een archaïsche film;
De boer valt weer terug op een stuntelig deuntje
Terwijl hij het gebalk van z’n ezel volgt;
Alleen zij herinneren zich te vergeten.
Maar ergens drukt een of ander woord
Op de hoge deur van een schedel, en in de hoek
Van een onschendbaar oog springt
het geheugen van een oude man op een kind
Over ― vonk van de dagen vol energie.
En het kind verstopt het als een scherp stuk speelgoed.
Fall of a city
www.alberthagenaars.nl
vrijdag 5 oktober 2012
PIERRE JEAN JOUVE (1887 - 1976)
BLOEDZWEET
I: Spuug
De fluimen op het asfalt hebben me altijd doen denken
Aan de bedrukte zijde van de hoofddoek van de heilige vrouwen.
II: De Vlek
Ik zag een vettige groene olievlek
Die uit een machine gelopen was en ik dacht,
Op het warme plaveisel van de rosse buurt,
Langdurig, langdurig aan mijn moeders bloed.
III
Want het witte vel is een nachtelijke uitdrukking
En in welke woestenij heeft zij niet dagelijks haar stappen gezet?
Een schaduw — dat is ze — is niet afschrikwekkender,
Noch obscener, noch kwaadaardiger.
De man zonder zonde
Is degene die niet zou moeten sterven, is dus degene
Die geen enkel verbod zou kennen, is dus degene
Die helemaal geen gelijke zou hebben, en die niet zou moeten leven.
Uit: Sueur De Sang
www.alberthagenaars.nl
zondag 16 september 2012
LATHAA (Kanagalatha)
NAT WORDEN
Ik begeef me te voet in de ruimte
tussen een leven en zijn wederkeer
Droom, verlangen, poëzie, leven
Ik verander van benen en ga voort
De liefde raakt verhit
zoals de wind die jaagt
in het holst van de golven
Naar de Franse versie van Geetha-Galapathy-Doré
www.alberthagenaars.nl
vrijdag 31 augustus 2012
GEORGES THEMELIS (1900-1976)
NAAKT VENSTER
Ik dacht erover om dit doodse huis te verlaten
En om mijn leven op zee door te brengen
Schaduwen houden zich er in op, vergeten stemmen
Verminkte poppen gaan de trappen op en af
Het venster leunt naakt op de nacht
Alle ruiten zijn eruit gevallen
Scherven in het stof
En ik blijf en tracht mijn schaduw te vinden
Alles wat resteert van een oude vergeten zon
Naar de Engelse vertaling van M. Byron Raizis
Greek Poetry Translations, Efstathiadis Group, 1981.
www.alberthagenaars.nl
zaterdag 21 juli 2012
NIKEPHOROS VRETTAKOS (1912-1991)
EEN GRAFSCHRIFT
Met op z’n schouders de trofee van Marathon,
daalt de knappe dode kerel naar de Hades af,
waar de eeuwige Grieken hem al verwachten. Maar
hij brengt hen slechts de helft van de boodschap:
WIJ HEBBEN―
Anderen na mij brengen jullie het WIJ HEBBEN GEWONNEN.
Het was niet mijn lot zo vroeg te komen, ik ben,
in de landstreek van Plataea en Marathon,
gedood door Perzische hand.
Naar de Engelse vertaling door M. Byron Raizis
Greek Poetry Translations, Efstathiadis Group, 1981
ZONDER JOU
Zonder jou zouden
duiven geen water vinden.
Zonder jou zou God
het licht in zijn fonteinen niet aandoen.
Een appelboom verspreidt zijn bloesem
op de wind: in jouw schort
breng je water uit de lucht
de bezieling van de tarwe, en boven jou
een maan van spreeuwen.
Naar de Engelse vertaling door M. Byron Raizis
Greek Poetry Translations, Efstathiadis Group, 1981
EEN AMANDELBOOM
Een amandelboom en jij daarnaast.
Maar wanneer stonden jullie twee in bloei?
Staand aan het raam
kijk ik naar jou en schrei.
Mijn ogen kunnen zo’n vrolijkheid
niet aan. God, geef mij
alle cisternen van de hemel
en ik zal ze vullen voor jou.
Naar de Engelse vertaling door M. Byron Raizis
Greek Poetry Translations, Efstathiadis Group, 1981
zaterdag 23 juni 2012
AARON MANIAM
VIJF VORMEN VAN MODERN BIDDEN
I
Ik bid vandaag, niet
Om me van het geluk te verzekeren, de zaligheid
Of de toegang tot een ver verwijderd paradijs,
Maar om waardering op te kunnen brengen
Voor jouw werk in eeuwige ontwikkeling,
Proefondervindelijk, onophoudelijk, geschapen
In heel wat meer dan zeven delen.
II
Ik bid om te aanvaarden
Dat er dingen zijn
Die slechts in dromen begrepen kunnen worden
En waarvan de zekerheid als dauw
Verdampt in de ochtend.
III
Ik bid om het geloof te hebben,
Me te verzoenen met het idee
Dat je soms moet meegaan
In de krommingen van het ondervragen
Alvorens tot de kern te komen.
IV
Ik bid om van de zwerftochten te houden,
De afgestorven huid die los moet laten,
Om te begrijpen wat ik ben, was, zal zijn,
Eens, wat ik zou moeten en kunnen zijn.
V
Ik bid om groot te kunnen zijn,
De massa dichters te bevatten,
Goed te zijn zelfs als mijn hart een tere
Bloem is die niet de eeuwigheid kan bevatten;
Zelfs als de mosterdpit in mijn hoofd het onmisbare
Geloof ontbeert om het fruit van de wereld te dragen;
Zelfs als mijn handen geen vorm kunnen geven
Aan de tegenspraak die zich tegen de horizon aftekent,
Ongrijpbaar als het vergezicht,
...het paradijs dat de meesten niet vinden.
Naar de Franse versie van Marie Frankland www.alberthagenaars.nl
vrijdag 25 mei 2012
MARK STRAND
DINGEN HEEL HOUDEN
In een veld
ben ik het gebrek
aan veld.
Dit is
altijd het geval.
Waar ik ook ben
ben ik wat ontbreekt.
Wanneer ik loop
verdeel ik de lucht
en altijd
stroomt de lucht naar binnen
om de ruimtes te vullen
waar mijn lichaam is geweest.
Wij allen hebben redenen
om te bewegen.
Ik beweeg
om dingen heel te houden.
Keeping things whole. www.alberthagenaars.nl
Abonneren op:
Posts (Atom)



