maandag 24 april 2023

CHARLES BAUDELAIRE - Le Port













DE HAVEN

Een haven is een aangename verblijfplaats voor iemand die moe is van de grillen van het leven. De peilloze diepte van de luchten, de onophoudelijk veranderende wolken, het kleurenspel van het water, het overweldigend schitteren van alle lichtjes, dit alles vormt een prisma dat wonderwel geschikt is om de ogen te laten genieten zonder ze ooit te verzadigen. De elegante bouw van de vaartuigen met hun verfijnde tuigage, waar het kabbelen van het water een natuurlijk bewegen aan verleent, helpt om de wezenlijke gevoeligheid voor ritme en schoonheid te bestendigen. En vooral is er nog een geheimzinnig en luisterrijk genoegen voor iemand die verlost is van nieuwsgierigheid en eerzucht om, in lome houding, vanaf een uitkijkpunt of het havenhoofd, alle verrichtingen in ogenschouw te nemen van de mensen die vertrekken of terugkeren, al degenen die nog beschikken over wilskracht, het verlangen om te reizen of om zich te verrijken.


Uit: Le Spleen de Paris - Petits poèmes en prose, Oeuvres complètes, Uitgeverij Gallimard, Parijs, 1975.





EEN KEUZE UIT DE BETREFFENDE DICHTERSNAMEN:
Chairil Anwar, Antonin Artaud, Ingeborg Bachmann, Charles Baudelaire, Walter Bauer, Wendell Berry, Jeanne Bessière, Elisabeth Bishop, Alain Bosquet, Lucie Brock-Broido, Yosa Buson, Patrice Cauda, Ahmad Chawqi, Necati Cumali, Robert Desnos (2), Roxana Doncu, Daniel Dragomirescu, Lawrence Durrell, Paul Eluard, Rocío Espinosa Herrera, Anestis Evangelou, Tomas de Faoite, André Frénaud, Albert-Paul Garnier, Guillevic (3), Guy Goffette, Armel Guerne, Ulla Hahn, Nazim Hikmet, Per Højholt, Ted Hughes, Elizabeth Jennings, Pierre-Jean Jouve, Kemalettin Kamu, Brendan Kennelly, Lathaa, D.H. Lawrence, Neil Leadbeater (2), Norman Levine, Alfred Lichtenstein, Rebecca Lindenberg, Edith Lomovasky-Goel, Afrizal Malna (2), Aaron Maniam, Maurice Maeterlinck, Robert Mallet, Marion McCready, Paula Meehan, Dyah Merta, Eugenio Montale, Paul Muldoon, Khaled Najar, Ratri Ninditya, Hendrik Nordbrandt, Bernard Odendaal, Ziya Paşa, Sylvia Plath, Jacques Prévert, Oktay Rifat, Michel-Daniel Robakowski, Georges Schehadé, Landung Simatupang, Louis Simpson, Saut Situmorang, Sitor Situmorang, Stephen Spender, Anne Stewart, Ruth Stone, Mark Strand, Sandi Stromberg (2), Jules Supervielle, Cemal Süreya, Jean-Baptiste Tati Loutard, Georges Themelis, Giuseppe Ungaretti, Paul Verlaine, Nikephoros Vrettakos, Ted Walker en Hans K. Wehren



www.alberthagenaars.nl

Also see:

Dutch poetry in Indonesian language, translated by Siti Wahyuningsih and Albert Hagenaars

Frozen Poets - statues, graves and other traces of poets

Critical reviews on modern Dutch poetry




.

zaterdag 14 januari 2023

BERNARD ODENDAAL - Voor anker


GASTVERTALER: Bert Bevers




















VOOR ANKER

Jij beweegt, kreunt in je slaap –
dromen die gesloten stijgen en dalen
als liften in ’n stad.

De warme leemtes tussen ons
koesteren aan hoofd- én voeteneinde
inkruipkinderen: ze dutten blinkend,
klinken zachtjes al naar de dag van morgen.

Ze ruiken …
naar shampoo, ’n zweempje zweet;
maar onmiskenbaar, onnoembaar vooral
naar ons: dit kruideneilandengroepgezin
op weg waarheen ik lekker zeilen kon hijsen.

Nu,
in de baai van de kracht van ons leven,
dommel ik,
me loom bewust van jou, mijn havenstad op heuvels.
Jij steunt lichtjes,
draait je om:

rotswanden houden begeerte tegen.
Ik draag de kinderen naar hun bed …

Als ik terugkom slaap jij zelfgenoegzaam,
boeiend, veraf.




VOOR ANKER

Jy roer, kreun in jou slaap –
drome wat geslote styg en daal
soos hysbakke in ’n stad.

Die warm leemtes tussen ons
koester voet- én kopkant inkruipkinders
slopies blink klank
waaruit die dag van môre geskud gaan word.

Hulle ruik …
na sjampoe, ’n sweempie sweet;
maar onmiskenbaar, onnoembaar
veral na ons: die kruie-eilandgroep gesin
op weg waarheen ek seile lekkerte kon span.

Nou,
in die baai van ons middeljare,
dommel ek,
loom bewus van jou, my hawestad op heuwels.
Jy steun, draai
om:

deinings ou begeerte stu.
Ek dra die kinders na hul beddens …
By my terugkeer slaap jy selfgenoegsaam,
boeiend, veraf.



Uit: Onbedoelde land, Uitgeverij Tafelberg, Kaapstad, 2007.





ALLE DICHTERS:
Chairil Anwar, Antonin Artaud, Ingeborg Bachmann, Charles Baudelaire, Walter Bauer, Wendell Berry, Jeanne Bessière, Elisabeth Bishop, Alain Bosquet, Lucie Brock-Broido, Yosa Buson, Patrice Cauda, Ahmad Chawqi, Necati Cumali, Robert Desnos (2), Roxana Doncu, Daniel Dragomirescu, Lawrence Durrell, Paul Eluard, Rocío Espinosa Herrera, Anestis Evangelou, Tomas de Faoite, André Frénaud, Albert-Paul Garnier, Guillevic (3), Guy Goffette, Armel Guerne, Ulla Hahn, Nazim Hikmet, Per Højholt, Ted Hughes, Elizabeth Jennings, Pierre-Jean Jouve, Kemalettin Kamu, Brendan Kennelly, Lathaa, D.H. Lawrence, Neil Leadbeater (2), Norman Levine, Alfred Lichtenstein, Rebecca Lindenberg, Edith Lomovasky-Goel, Afrizal Malna (2), Aaron Maniam, Maurice Maeterlinck, Robert Mallet, Marion McCready, Paula Meehan, Dyah Merta, Eugenio Montale, Paul Muldoon, Khaled Najar, Ratri Ninditya, Hendrik Nordbrandt, Bernard Odendaal, Ziya Paşa, Sylvia Plath, Jacques Prévert, Oktay Rifat, Michel-Daniel Robakowski, Georges Schehadé, Landung Simatupang, Louis Simpson, Saut Situmorang, Sitor Situmorang, Stephen Spender, Anne Stewart, Ruth Stone, Mark Strand, Sandi Stromberg (2), Jules Supervielle, Cemal Süreya, Jean-Baptiste Tati Loutard, Georges Themelis, Giuseppe Ungaretti, Paul Verlaine, Nikephoros Vrettakos, Ted Walker en Hans K. Wehren



www.alberthagenaars.nl

Also see:

Dutch poetry in Indonesian language, translated by Siti Wahyuningsih and Albert Hagenaars

Frozen Poets - statues, graves and other traces of poets

Critical reviews on modern Dutch poetry




.

woensdag 28 december 2022

ANDRÉ FRÉNAUD



















RUST MAAR

Met het leven overlijdt ook de dood.
Laatste doorgang en uiteindelijk niets.
Tussen de lippen van het onbestaande,
dit armetierig geruis, snel verzwolgen.




REQUIESCAT

La mort de la vie, c’est la mort de la mort.
Dernier passage et rien enfin.
Entre les deux lèvres du néant,
ce si peu de bruits vagues, vite englouti.



Uit: Pour l'Office des Morts, 1961





ALLE DICHTERS:
Chairil Anwar, Antonin Artaud, Ingeborg Bachmann, Charles Baudelaire, Walter Bauer, Wendell Berry, Jeanne Bessière, Elisabeth Bishop, Alain Bosquet, Lucie Brock-Broido, Yosa Buson, Patrice Cauda, Ahmad Chawqi, Necati Cumali, Robert Desnos (2), Roxana Doncu, Daniel Dragomirescu, Lawrence Durrell, Paul Eluard, Rocío Espinosa Herrera, Anestis Evangelou, Tomas de Faoite, André Frénaud, Albert-Paul Garnier, Guillevic (3), Guy Goffette, Armel Guerne, Ulla Hahn, Nazim Hikmet, Per Højholt, Ted Hughes, Elizabeth Jennings, Pierre-Jean Jouve, Kemalettin Kamu, Brendan Kennelly, Lathaa, D.H. Lawrence, Neil Leadbeater (2), Norman Levine, Alfred Lichtenstein, Rebecca Lindenberg, Edith Lomovasky-Goel, Afrizal Malna (2), Aaron Maniam, Maurice Maeterlinck, Robert Mallet, Marion McCready, Paula Meehan, Dyah Merta, Eugenio Montale, Paul Muldoon, Khaled Najar, Ratri Ninditya, Hendrik Nordbrandt, Ziya Paşa, Sylvia Plath, Jacques Prévert, Oktay Rifat, Michel-Daniel Robakowski, Georges Schehadé, Landung Simatupang, Louis Simpson, Saut Situmorang, Sitor Situmorang, Stephen Spender, Anne Stewart, Ruth Stone, Mark Strand, Sandi Stromberg (2), Jules Supervielle, Cemal Süreya, Jean-Baptiste Tati Loutard, Georges Themelis, Giuseppe Ungaretti, Paul Verlaine, Nikephoros Vrettakos, Ted Walker en Hans K. Wehren



www.alberthagenaars.nl

Also see:

Dutch poetry in Indonesian language, translated by Siti Wahyuningsih and Albert Hagenaars

Frozen Poets - statues, graves and other traces of poets

Critical reviews on modern Dutch poetry




.

woensdag 21 december 2022

JULES SUPERVIELLE - De dreef



















DE DREEF

— Raak niet een schouder aan
Van de voorbij rijdende ruiter,
Hij zou omkeren
En het zou nacht zijn,
Een nacht zonder sterren,
zonder kromming en wolken.
— Wat zou er geworden
Van alles wat de lucht uitmaakt,
De maan en haar baan
En het knetteren van de zon?
— U zou erop moeten wachten
Dat een tweede ruiter
even machtig als de vorige
zich verwaardigde langs te rijden.



Uit: Les amis inconnus, 1934





ALLE DICHTERS:
Chairil Anwar, Antonin Artaud, Ingeborg Bachmann, Charles Baudelaire, Walter Bauer, Wendell Berry, Jeanne Bessière, Elisabeth Bishop, Alain Bosquet, Lucie Brock-Broido, Yosa Buson, Patrice Cauda, Ahmad Chawqi, Necati Cumali, Robert Desnos (2), Roxana Doncu, Daniel Dragomirescu, Lawrence Durrell, Paul Eluard, Rocío Espinosa Herrera, Anestis Evangelou, Tomas de Faoite, André Frénaud, Albert-Paul Garnier, Guillevic (3), Guy Goffette, Armel Guerne, Ulla Hahn, Nazim Hikmet, Per Højholt, Ted Hughes, Elizabeth Jennings, Pierre-Jean Jouve, Kemalettin Kamu, Brendan Kennelly, Lathaa, D.H. Lawrence, Neil Leadbeater (2), Norman Levine, Alfred Lichtenstein, Rebecca Lindenberg, Edith Lomovasky-Goel, Afrizal Malna (2), Aaron Maniam, Maurice Maeterlinck, Robert Mallet, Marion McCready, Paula Meehan, Dyah Merta, Eugenio Montale, Paul Muldoon, Khaled Najar, Ratri Ninditya, Hendrik Nordbrandt, Ziya Paşa, Sylvia Plath, Jacques Prévert, Oktay Rifat, Michel-Daniel Robakowski, Georges Schehadé, Landung Simatupang, Louis Simpson, Saut Situmorang, Sitor Situmorang, Stephen Spender, Anne Stewart, Ruth Stone, Mark Strand, Sandi Stromberg (2), Jules Supervielle, Cemal Süreya, Jean-Baptiste Tati Loutard, Georges Themelis, Giuseppe Ungaretti, Paul Verlaine, Nikephoros Vrettakos, Ted Walker en Hans K. Wehren



www.alberthagenaars.nl

Also see:

Dutch poetry in Indonesian language, translated by Siti Wahyuningsih and Albert Hagenaars

Frozen Poets - statues, graves and other traces of poets

Critical reviews on modern Dutch poetry




.

zondag 7 maart 2021

PAULA MEEHAN - Het Patroon


VERTALING: PETER VAN BEEK EN JORIS IVEN


















Foto: Wikipedia



HET PATROON

Weinig is overgegaan van haar op mij,
een naaimachine, een trouwring,
een handvol foto's, het branden van haar hand
op mijn wang in een van onze oorlogen

als we weer eens verbitterd tegenover elkaar stonden.
Ze zeggen wel eens: dat is het lot van de oudste dochter.
Nu wou ik dat ze het had uitgezongen tot ik helemaal
was opgegroeid. We hadden opnieuw kunnen beginnen

als vrouwen zonder etiketten als moeder, echtgenote,
zuster, dochter, en het er zo op kunnen wagen.
Op haar tweeënveertigste vertrok ze naar god weet waar.
Ik ben nooit teruggegaan om haar graf te bezoeken.



*

Eerst sopte ze de vloer met Sunlight zeep,
armzwaai na armzwaai. Als ze last kreeg van haar knieën,
rustte ze uit bij een kop thee, boende dan weer
vanaf de deur met lavendelwas. De geur
doordrong het hele appartement tot bij ons,
haar kroost, dat naar de slaapkamer was verbannen.

En wanneer ze de was opwreef tot een hoge glans
zag ze dan haar eigen gezicht te voorschijn komen?
Ving ze dan een glimp op van haar ware zelf?
Vertelde haar spiegel wat die van mij aan mij vertelt?

Ik heb van haar het schouderophalen geërfd en ga door,
wetend dat de geschiedenis haar op de knieën heeft gekregen.

Ze riep ons binnen en liet ons door de kamer glijden op onze sokken. We draaiden statig als planeten in ingewikkelde banen om haar heen.



*

Ze zit gebogen over een karmozijnrode stof,
de kleinere kinderen zijn al lang naar bed.
Nazomer, koud genoeg voor de kachel,
ze werkt bij schemerig licht
aan een oude jurk die ze voor mij vermaakt.
Morgen is de eerste dag terug naar school.



*

“Zuiver lamswol. Ze moet nog een tijdje meegaan.
Je weet dat ik deze jurk droeg toen ik uitging met je pa.
Ik had gezegd dat ik bij een vriendin thuis was,
je opa liep ons tegen het lijf op de hoek.
Hij sleurde me aan mijn haren naar binnen – het was toen zo lang als dat van jou –
voor de ogen van de hele straat.
Hij schold je pa uit voor al wat lelijk was,
straatslijper, boerenpummel; ik hoef je niet te vertellen
hoe hij mij noemde. Hij duwde mijn hoofd helemaal
onder de keukenkraan, pakte een schrobber
en carbolzeep en onder ijskoud water schrobde hij
elk veegje lippenstift en mascara van mijn gezicht.
Jezus, wat was me dat toch een tiran, je opa.
Niet dan over mijn lijk zal iemand ooit een haar op jouw hoofd krenken.”



*

Ze moet die nacht lang zijn opgebleven om de jurk
klaar te krijgen. Ik vond haar drogend bij de kachel,
op de tafel drie nieuwe schrijfboeken en een glanzende
bronzen pen, een Sint-Christoffel aan een zilverdraad,

alsof ik ging inschepen voor een hachelijke reis
naar onbekende verten. Ik droeg die jurk
met weinig gratie. Voor mij betekende ze armoe,
het brandmerk van tweedehands. Ik groeide snel genoeg

om ze tegen Kerstmis op de volgende over te dragen. Ik bracht ordening
in de wereld buiten ons appartement, stukje bij beetje,
dagelijks na school, en gaf alles zijn verrassende plaats
van straat tot plein tot ruit*. Ik keek

urenlang naar de Liffey, kloppend naar de zee,
en naar het komen en gaan van schepen,
overtuigd dat de rivier me op een dag zou meevoeren
naar Zanzibar, Bombay, het Land van de Ethiopen.



*

Er is een foto van haar genomen in Phoenix Park
alleen op een bank omgeven door rozen
alsof ze volmaakt bij geometrische tuinen paste.
Ze staart voor zich uit alsof ze zich niet bewust is
van enige menselijke hand die het fototoestel vasthoudt, helemaal
opgenomen in haar eigen schaduw, de wereld buiten haar
nu al een droom, nu al verloren. Ze is
acht maanden zwanger. Haar laatste kind.



*

Haar stalen naalden tikten en vonkten,
het enige andere geluid inzakkende kolen
of haar sporadisch gemopper
bij een lastig stuk in het patroon.
Ze prefereerde praktische tinten:
mosgroen, mosterd, beige.

Ik droomde van een japon in een kleur
zo zuiver dat hij een woord werd.

Soms moest ik wel een uur
voor haar neerknielen bij de kachel,
een streng in mijn open gespreide handen,
terwijl zij de wol tot bollen wond.
Wanneer ik als een vlieger te hoog
tussen de schaduwen tegen het plafond zwom
of als een vis in de poelen
van trillend licht vloog, haalde ze resoluut de lijn
in, liet ze me op haar knieën landen.

Met vlammentongen in haar donkere ogen,
zei ze, “Een van deze dagen moet ik
je leren een patroon te volgen.”



'De Ruit' is de naam die in de volksmond wordt gegeven aan Gloucester Place en omgeving in het centrum van Dublin.




www.alberthagenaars.nl

Also see:

Dutch poetry in Indonesian language, translated by Siti Wahyuningsih and Albert Hagenaars

Frozen Poets - statues, graves and other traces of poets

Critical reviews on modern Dutch poetry




dinsdag 16 februari 2021

ALAIN BOSQUET - Het fragment


















HET FRAGMENT

Ik ben een komma:
aan u om de tekst te doorzien.
Ik ben een oog:
aan u om te beslissen
of het behoort
tot het reptiel, tot de vogel,
tot de mist die blijft hangen.
Ik ben het restant
van een of andere hoofdstad,
van een of andere stelling
die bewezen zal moeten worden.
Ik ben de as,
ik ben de korenaar:
alles is verbrand,
alles zal opnieuw geboren worden.
Ik inspireer:
eis niet meer van mij
om geïnspireerd te worden.


Uit: Poèmes, un (1945-1967)





www.alberthagenaars.nl

Also see:

Dutch poetry in Indonesian language, translated by Siti Wahyuningsih and Albert Hagenaars

Frozen Poets - statues, graves and other traces of poets

Critical reviews on modern Dutch poetry




zondag 26 juli 2020

SANDI STROMBERG - 's Maandags rond het middaguur





'S MAANDAGS ROND HET MIDDAGUUR

Op maandagen, mijmerend, hoor ik vaak nog
het carillon rond het middaguur. Ruim twintig jaar,
duizenden kilometers geleden, ingesleten

als een naald in vinyl. Het speelt Bach
en de Beatles, Bach en de Beatles. Noten
weerklinken over beelden die ik koester,

uit de peperbusvormige torenbekroning
van de Sint-Gertrudiskerk, over de Hoogstraat,
de kasseien, de bevallige bocht volgend

naar wat ik ooit mijn knusse huis mocht noemen.
Hoe kon ik denken dat ik mijn dagen zou slijten
in dat stadje met z'n friet en shoarma,

sterke koffie en schraperig Nederlands?
De muziek snijdt dubbelzijdig in het geheugen
- verval en zalf tegelijk - wanneer ik in m'n cottage zit

aan de andere kant van de Atlantische Oceaan.
Geen klokken geven de kwartieren aan
in het klamme zuiden, onder de genadeloze zon,

in plaats van die vertrouwde lage, grijze
Noordzeelucht. Elke klank van toen beurt op,
eenzaam als de roep van een fuut over het water.



MONDAYS AT NOON

The carillon still plays in my mind
most Mondays at noon. Two dozen years,
thousands of miles ago, stuck

like a needle on vinyl, playing Bach
and the Beatles, Bach and the Beatles.
Notes chime over images I hoard,

from the pepper-shaker steeple
of St. Gertruidiskerk, up the Hoogstraat,
over the cobblestones, around the gentle curve

to what was once my gabled house.
How could I think I would live out
my days in that village with its frites

and shwarma, strong coffee and guttural
Dutch? The music cuts double-edged -
memory's bane and balm-as I sit

across the Atlantic in my craftsman cottage.
No church bells toll the quarter hours
in the humid South, relentless sunny days

instead of the warm wrap of the North Sea's
low, gray sky. Each recalled note lifts,
lonely as a loon's call across the ocean.



Beide versies van dit gedicht werden samen, aangevuld met foto's, eerder gepubliceerd:
1) in Brabant Cultureel, 22 juni 2020
2) op de site van Albert Hagenaars, juli 2020



www.alberthagenaars.nl

Also see:

Dutch poetry in Indonesian language, translated by Siti Wahyuningsih and Albert Hagenaars

Frozen Poets - statues, graves and other traces of poets

Critical reviews on modern Dutch poetry