zondag 7 maart 2021

PAULA MEEHAN - Het Patroon


VERTALING: PETER VAN BEEK EN JORIS IVEN


















Foto: Wikipedia



HET PATROON

Weinig is overgegaan van haar op mij,
een naaimachine, een trouwring,
een handvol foto's, het branden van haar hand
op mijn wang in een van onze oorlogen

als we weer eens verbitterd tegenover elkaar stonden.
Ze zeggen wel eens: dat is het lot van de oudste dochter.
Nu wou ik dat ze het had uitgezongen tot ik helemaal
was opgegroeid. We hadden opnieuw kunnen beginnen

als vrouwen zonder etiketten als moeder, echtgenote,
zuster, dochter, en het er zo op kunnen wagen.
Op haar tweeënveertigste vertrok ze naar god weet waar.
Ik ben nooit teruggegaan om haar graf te bezoeken.



*

Eerst sopte ze de vloer met Sunlight zeep,
armzwaai na armzwaai. Als ze last kreeg van haar knieën,
rustte ze uit bij een kop thee, boende dan weer
vanaf de deur met lavendelwas. De geur
doordrong het hele appartement tot bij ons,
haar kroost, dat naar de slaapkamer was verbannen.

En wanneer ze de was opwreef tot een hoge glans
zag ze dan haar eigen gezicht te voorschijn komen?
Ving ze dan een glimp op van haar ware zelf?
Vertelde haar spiegel wat die van mij aan mij vertelt?

Ik heb van haar het schouderophalen geërfd en ga door,
wetend dat de geschiedenis haar op de knieën heeft gekregen.

Ze riep ons binnen en liet ons door de kamer glijden op onze sokken. We draaiden statig als planeten in ingewikkelde banen om haar heen.



*

Ze zit gebogen over een karmozijnrode stof,
de kleinere kinderen zijn al lang naar bed.
Nazomer, koud genoeg voor de kachel,
ze werkt bij schemerig licht
aan een oude jurk die ze voor mij vermaakt.
Morgen is de eerste dag terug naar school.



*

“Zuiver lamswol. Ze moet nog een tijdje meegaan.
Je weet dat ik deze jurk droeg toen ik uitging met je pa.
Ik had gezegd dat ik bij een vriendin thuis was,
je opa liep ons tegen het lijf op de hoek.
Hij sleurde me aan mijn haren naar binnen – het was toen zo lang als dat van jou –
voor de ogen van de hele straat.
Hij schold je pa uit voor al wat lelijk was,
straatslijper, boerenpummel; ik hoef je niet te vertellen
hoe hij mij noemde. Hij duwde mijn hoofd helemaal
onder de keukenkraan, pakte een schrobber
en carbolzeep en onder ijskoud water schrobde hij
elk veegje lippenstift en mascara van mijn gezicht.
Jezus, wat was me dat toch een tiran, je opa.
Niet dan over mijn lijk zal iemand ooit een haar op jouw hoofd krenken.”



*

Ze moet die nacht lang zijn opgebleven om de jurk
klaar te krijgen. Ik vond haar drogend bij de kachel,
op de tafel drie nieuwe schrijfboeken en een glanzende
bronzen pen, een Sint-Christoffel aan een zilverdraad,

alsof ik ging inschepen voor een hachelijke reis
naar onbekende verten. Ik droeg die jurk
met weinig gratie. Voor mij betekende ze armoe,
het brandmerk van tweedehands. Ik groeide snel genoeg

om ze tegen Kerstmis op de volgende over te dragen. Ik bracht ordening
in de wereld buiten ons appartement, stukje bij beetje,
dagelijks na school, en gaf alles zijn verrassende plaats
van straat tot plein tot ruit*. Ik keek

urenlang naar de Liffey, kloppend naar de zee,
en naar het komen en gaan van schepen,
overtuigd dat de rivier me op een dag zou meevoeren
naar Zanzibar, Bombay, het Land van de Ethiopen.



*

Er is een foto van haar genomen in Phoenix Park
alleen op een bank omgeven door rozen
alsof ze volmaakt bij geometrische tuinen paste.
Ze staart voor zich uit alsof ze zich niet bewust is
van enige menselijke hand die het fototoestel vasthoudt, helemaal
opgenomen in haar eigen schaduw, de wereld buiten haar
nu al een droom, nu al verloren. Ze is
acht maanden zwanger. Haar laatste kind.



*

Haar stalen naalden tikten en vonkten,
het enige andere geluid inzakkende kolen
of haar sporadisch gemopper
bij een lastig stuk in het patroon.
Ze prefereerde praktische tinten:
mosgroen, mosterd, beige.

Ik droomde van een japon in een kleur
zo zuiver dat hij een woord werd.

Soms moest ik wel een uur
voor haar neerknielen bij de kachel,
een streng in mijn open gespreide handen,
terwijl zij de wol tot bollen wond.
Wanneer ik als een vlieger te hoog
tussen de schaduwen tegen het plafond zwom
of als een vis in de poelen
van trillend licht vloog, haalde ze resoluut de lijn
in, liet ze me op haar knieën landen.

Met vlammentongen in haar donkere ogen,
zei ze, “Een van deze dagen moet ik
je leren een patroon te volgen.”



'De Ruit' is de naam die in de volksmond wordt gegeven aan Gloucester Place en omgeving in het centrum van Dublin.




www.alberthagenaars.nl

Also see:

Dutch poetry in Indonesian language, translated by Siti Wahyuningsih and Albert Hagenaars

Frozen Poets - statues, graves and other traces of poets

Critical reviews on modern Dutch poetry




dinsdag 16 februari 2021

ALAIN BOSQUET - Het fragment


















HET FRAGMENT

Ik ben een komma:
aan u om de tekst te doorzien.
Ik ben een oog:
aan u om te beslissen
of het behoort
tot het reptiel, tot de vogel,
tot de mist die blijft hangen.
Ik ben het restant
van een of andere hoofdstad,
van een of andere stelling
die bewezen zal moeten worden.
Ik ben de as,
ik ben de korenaar:
alles is verbrand,
alles zal opnieuw geboren worden.
Ik inspireer:
eis niet meer van mij
om geïnspireerd te worden.


Uit: Poèmes, un (1945-1967)





www.alberthagenaars.nl

Also see:

Dutch poetry in Indonesian language, translated by Siti Wahyuningsih and Albert Hagenaars

Frozen Poets - statues, graves and other traces of poets

Critical reviews on modern Dutch poetry




zondag 26 juli 2020

SANDI STROMBERG - 's Maandags rond het middaguur





'S MAANDAGS ROND HET MIDDAGUUR

Op maandagen, mijmerend, hoor ik vaak nog
het carillon rond het middaguur. Ruim twintig jaar,
duizenden kilometers geleden, ingesleten

als een naald in vinyl. Het speelt Bach
en de Beatles, Bach en de Beatles. Noten
weerklinken over beelden die ik koester,

uit de peperbusvormige torenbekroning
van de Sint-Gertrudiskerk, over de Hoogstraat,
de kasseien, de bevallige bocht volgend

naar wat ik ooit mijn knusse huis mocht noemen.
Hoe kon ik denken dat ik mijn dagen zou slijten
in dat stadje met z'n friet en shoarma,

sterke koffie en schraperig Nederlands?
De muziek snijdt dubbelzijdig in het geheugen
- verval en zalf tegelijk - wanneer ik in m'n cottage zit

aan de andere kant van de Atlantische Oceaan.
Geen klokken geven de kwartieren aan
in het klamme zuiden, onder de genadeloze zon,

in plaats van die vertrouwde lage, grijze
Noordzeelucht. Elke klank van toen beurt op,
eenzaam als de roep van een fuut over het water.



MONDAYS AT NOON

The carillon still plays in my mind
most Mondays at noon. Two dozen years,
thousands of miles ago, stuck

like a needle on vinyl, playing Bach
and the Beatles, Bach and the Beatles.
Notes chime over images I hoard,

from the pepper-shaker steeple
of St. Gertruidiskerk, up the Hoogstraat,
over the cobblestones, around the gentle curve

to what was once my gabled house.
How could I think I would live out
my days in that village with its frites

and shwarma, strong coffee and guttural
Dutch? The music cuts double-edged -
memory's bane and balm-as I sit

across the Atlantic in my craftsman cottage.
No church bells toll the quarter hours
in the humid South, relentless sunny days

instead of the warm wrap of the North Sea's
low, gray sky. Each recalled note lifts,
lonely as a loon's call across the ocean.



Beide versies van dit gedicht werden samen, aangevuld met foto's, eerder gepubliceerd:
1) in Brabant Cultureel, 22 juni 2020
2) op de site van Albert Hagenaars, juli 2020



www.alberthagenaars.nl

Also see:

Dutch poetry in Indonesian language, translated by Siti Wahyuningsih and Albert Hagenaars

Frozen Poets - statues, graves and other traces of poets

Critical reviews on modern Dutch poetry




donderdag 7 mei 2020

RUTH STONE - Gedichten

Gastvertalers: Peter van Beek en Joris Iven




Joris Iven


Peter van Beek



GEDICHTEN

Wanneer je terugkomt naar mij
zal het kraaientijd zijn
en vliegenvangertijd,
met stijgende spiralen van muggen
tussen de appelbomen.
Elk onkruid zal verviervoudigd zijn,
ruw, uitnodigend
en stekelig.
De kraaien, hun zwarte vliegende
lichamen, hun verre geroep
naar de berg;
verwanten, zoals ik,
ambivalent, afgedekte ogen;
schreeuwend en razend.
En jij zult me in je gebroken
betekenisloze gebabbel
betrekken; het snelle van mijn mond,
de dwaasheid van mijn tong.






POEMS

When you come back to me
it will be crow time
and flycatcher time,
with rising spirals of gnats
between the apple trees.
Every weed will be quadrupled,
coarse, welcoming
and spine-tipped.
The crows, their black flapping
bodies, their long calling
toward the mountain;
relatives, like mine,
ambivalent, eye-hooded;
hooting and tearing.
And you will take me in
to your fractal meaningless
babble; the quick of my mouth,
the madness of my tongue.



Uit: What Love Comes To, 2008.



www.alberthagenaars.nl


Also see:

Dutch poetry in Indonesian language, translated by Siti Wahyuningsih and Albert Hagenaars

Frozen Poets - statues, graves and other traces of poets

Critical reviews on modern Dutch poetry




vrijdag 1 mei 2020

NEIL LEADBEATER - Twee Portugese gedichten





FADO

Het gebeurt niet zelden om deze klanken
in de oude straten van de stad te horen.
Ze wellen op uit de nachtelijke buurten
waar de zinnen als rode slagaderen
naar de oude liederen van de Moren voeren;
en je vraagt je af waar het vandaan komt -
dit denkbeeld van noodlottigheid -
de vervoering van het hart, zoveel sterker
dan het redeneren van het hoofd...
de zwarte en betoverende melancholie
vervult je wezen met verlangen naar wat teloorging
of nu nooit meer kan worden verkregen;
het overweldigende hunkeren naar alles
wat je ooit in het leven hebt ervaren en begeerd
en niet meer terug zal zien.



HITTE IN LISSABON

Het was de verkeerde tijd van het jaar.
Velden waren verdord en platgebrand
en overal zwermden vliegen. Nog
veel erger was de zon. Tennyson
had er de godganse dag last van
zodat hij, groots onthaald in de eetzaal
van het Bragança als Engelands
Poet Laureate, wist dat hij nooit zijn doel,
de ‘Gouden Eeuw’, zou ervaren,
zijn plan op zou moeten geven.
De witte hitte van inspiratie bleek
een onbereikbare zonneschittering.
Lyndhurst en de New Forest
voelden heel wat meer aan
als thuis





FADO

It’s not unknown to hear this sound
in the old streets of the town.
It wells up from the night quarters
where the lines go back like red arterials
to the old songs of the Moors;
and you wonder where it comes from –
this notion of fate –
the passion of the heart which wins hands down
over logic held in the head …
its black and beautiful melancholy
fills you with longing for what has been lost
or will never now be attained;
the full yearning of leaving behind
all you have known and loved in life
and will not see again.



LISBON HEAT

It was the wrong time of the year. Fields
were brown and burnt and flies were
in abundance. More serious
was the sun. For Tennyson
it blazed all day so that when
he was hailed as England’s
Poet Laureate in the dining hall
at the Braganza, he knew he would
never see the ‘Golden Age’
he had come for, would have to
let it go. Its white heat of inspiration
was a sun-shimmer out of
reach. Lyndhurst and the
New forest were much
more like home.






Uit: Punching Cork Stoppers, 2018
Uitgeverij: Original Plus, Bridgend, South Wales
Ontwerp omslag: Sam Smith




www.alberthagenaars.nl


Also see:

Dutch poetry in Indonesian language, translated by Siti Wahyuningsih and Albert Hagenaars

Frozen Poets - statues, graves and other traces of poets

Critical reviews on modern Dutch poetry




donderdag 16 april 2020

WENDELL BERRY - Aan mijn moeder

Gastvertaler: Harry de Vries




Harry de Vries
Foto: © Albert Hagenaars, 2020



AAN MIJN MOEDER

Ik was je rebellerende zoon,
weet je nog? Soms
vraag ik me af of je dat nog weet,
zo volledig is jouw vergiffenis geweest.

Zo volledig is je vergiffenis geweest
dat ik me soms afvraag of het niet
voorafging aan mijn wangedrag,
en ik de verkeerde kant opging,

laat staan, binnen jouw liefde, de voor mij
bereide weg naar huis vond, of ’s nachts mijn
bed, zodat ik jou bijna zou moeten vergeven,
die misschien het slechtste voorzag

dat ik had kunnen doen, en mij vergaf
voordat ik actie trok, ervoor zorgde dat ik nu
moet glimlachen, terugkijkend, om te zien hoe
schamel mijn slechtheid afstak bij jouw

vergiffenis ervan, vooraf geschonken.
En dit is dan het beeld van die Hemel waarvan
we hebben gehoord, waar zij die van elkaar
hebben gehouden, elkaar hebben vergeven,

waar, daardoor, het blad groen is,
het licht als muziek in de lucht,
en alles is ontwart,
en alle wanhoop weggenomen.







TO MY MOTHER

I was your rebellious son,
do you remember? Sometimes
I wonder if you do remember,
so complete has your forgiveness been.

So complete has your forgiveness been
I wonder sometimes if it did not
precede my wrong, and I erred,
safe found, within your love,

prepared ahead of me, the way home,
or my bed at night, so that almost
I should forgive you, who perhaps
foresaw the worst that I might do,

and forgave before I could act,
causing me to smile now, looking back,
to see how paltry was my worst,
compared to your forgiveness of it

already given. And this, then,
is the vision of that Heaven of which
we have heard, where those who love
each other have forgiven each other,

where, for that, the leaves are green,
the light a music in the air,
and all is unentangled,
and all is undismayed.




www.alberthagenaars.nl


Also see:

Dutch poetry in Indonesian language, translated by Siti Wahyuningsih and Albert Hagenaars

Frozen Poets - statues, graves and other traces of poets

Critical reviews on modern Dutch poetry




woensdag 15 april 2020

PAUL ELUARD - Verborgen





VERBORGEN

Tuinieren windt op, is de hartstocht van de tuinman.
Onder de takken leek zijn gezicht licht bedekt met afdrukken
van vogelpootjes. Voor een zoon die in de bomen kijkt.



CACHÉE

Le jardinage est la passion, belle bête du jardinier.
Sous les branches, sa tête semblait couverte de pattes
légères d’oiseaux. A un fils qui voit dans les arbres.



Uit: Nouveaux poèmes, uitgeverij Gallimard
Portretfoto: Izis Bidermanas




www.alberthagenaars.nl


Also see:

Dutch poetry in Indonesian language, translated by Siti Wahyuningsih and Albert Hagenaars

Frozen Poets - statues, graves and other traces of poets

Critical reviews on modern Dutch poetry